‘Inpassen.’ Dat is het sleutelwoord volgens Marco Weijland, technisch manager bij het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard, als hij het project bij Gouderak in één technisch dilemma moet samenvatten. Ricardo Nuijens, manager omgeving en conditionering namens aannemerscombinatie KIGO, vult aan: “Rijd één keer over deze dijk en je snapt het. Smal, hoog, bebouwd en er is maar één route. We hebben nul uitwijkruimte.” 

Het project tussen Krimpen aan den IJssel en Gouderak maakt deel uit van KIJK: Krachtige IJsseldijken Krimpenerwaard. Binnen dit programma wordt een lang traject langs de Hollandsche IJssel versterkt, Het gaat om het meest urgente stuk van de dijk, ongeveer tien kilometer lang, waar veiligheid, bereikbaarheid en leefbaarheid allemaal tegelijk onder druk staan. De steile dijk staat op een slappe veenondergrond, direct ernaast staan een stuk of 800 woningen, en het is ook de enige ontsluitingsroute voor het gebied. Volledig voor lange tijd afsluiten is dus geen optie. Die combinatie van factoren maakt de dijkversterking in de Krimpenerwaard technisch uitzonderlijk.

Ricardo Nuijens en Marco Weijland

Krap werkgebied 

Meestal wordt een dijk breder en zwaarder gemaakt met grond, vaak klei. Op de KIJK-dijk kan dat niet vanwege het ruimtegebrek. “Dan zouden honderden woningen moeten verdwijnen”, zegt Marco. “Dat is maatschappelijk onacceptabel.” Ricardo ziet dat terug in de uitvoering. “Je kunt hier niets ‘even’ doen. Alles wordt op de centimeter uitgewerkt. Waar je bij andere dijkversterkingen ruimte hebt in een uiterwaard of agrarisch gebied, werk je hier letterlijk tussen woningen, kabels en leidingen en het water.” 

Zwaar materieel op veen 

De ondergrond maakt zowel de dijkversterking zelf als het gebruik van zware bouwvoertuigen extra ingewikkeld. Veen is slap, gevoelig voor vervorming en zetting. Groot materieel kan niet zomaar over de bestaande dijk rijden. “Daarom gaat alle zware machines over onze eigen gebouwde constructie”, legt Marco uit. “Dat geeft stabiliteit, maar je moet heel precies bepalen waar je begint en eindigt.” 

Geen plan B 

Er komt nog bij dat de dijk een lange geschiedenis heeft. “We komen soms ondergronds eeuwenoude sluizen tegen”, zegt Marco. “Daar moet je dus doorheen of omheen werken, zonder de waterveiligheid in gevaar te brengen.” 

De oplossing werd gevonden in een zelfstandige waterkerende constructie aan de buitenzijde van de dijk: een combinatie van damwanden en buispalen. Spannend, zegt Marco, omdat er geen plan B was. “Als dit niet zou werken, hadden we geen alternatief meer.” 

Silent piler en gyro piler 

Cruciaal in de aanpak bij KIJK zijn twee machines: de silent piler en de gyro piler. Heien of trillen zou de omliggende woningen kunnen beschadigen, dat zou onacceptabel zijn. Daarom worden damwanden gedrukt en buispalen ingedraaid. De silent piler drukt damwanden de grond in, zonder noemenswaardige trillingen. De gyro piler draait holle buispalen van twintig tot soms dertig meter diep de ondergrond in. “Het is een Japanse techniek van Giken uitgevoerd door onze samenwerkingspartner Gebr. de Koning”, vertelt Ricardo. “Dit is pas het eerste project in Nederland waar het op deze schaal wordt toepast.” De holle buispalen hebben tandjes aan de onderzijde en kunnen door harde lagen heen draaien. “Je krijgt dus geen vervorming van de ondergrond”, zegt Ricardo. “Wat je tegenkomt, blijft zitten.” 

Beweegbare verbinding 

Op de projectlocatie worden buispalen en damwanden aan elkaar gelast. Die verbinding is niet star, maar beweegbaar, zodat de constructie mee kan bewegen met de slappe ondergrond. Boven op de damwand komt een stenen muurtje van veertig centimeter, genoeg om ook aan de hoogte-eis te voldoen. 

Rinkelende glazen 

Hoewel het project zo min mogelijk hinder geeft, waren er toch momenten waarop trillingen onverwacht effect hadden. Bij een gemaal verderop zorgde het trillen van korte damwanden voor resonantie via het gemaal en de veenlaag. “Bewoners stuurden filmpjes van rinkelende glazen op tafel”, vertelt Ricardo. “Toen we overstapten van trillen naar drukken was het direct over.” 

"We hebben samen gekozen voor dit type dijkversterking. Ondanks alle uitdagingen blijven we erachter staan."

Kabels en leidingen: alles tegelijk 

Alsof het nog niet complex genoeg was, ligt de dijk ook vol met kabels en leidingen, voor gas, water, riool en elektriciteit. Verleggen voordat de dijkversterking begint zou jaren duren. Achteraf verleggen is net zo onwenselijk. De noodzakelijke oplossing: werk combineren. “Op sommige plekken doen de nutsbedrijven eerst hun werk, op andere plekken starten wij’, zegt Ricardo. ‘We moeten blijven schuiven met de planning zodat iedereen door kan.” Marco noemt dat een concreet voorbeeld van ‘samen doorpakken’. “We hebben onze werkvolgorde aangepast op basis van een technische analyse, zodat we ondanks afhankelijkheid van andere partijen toch zoveel mogelijk door kunnen.” 

Samen doorpakken in de praktijk 

Het motto ‘samen doorpakken’ is geen slogan, vinden ze allebei. Het zit in de organisatie. Marco: “We hebben geen klassieke opdrachtgever-opdrachtnemer-verhouding, maar vormen één integraal team, met één projectkantoor, waar gemixte teams eendrachtig samenwerken.” “Belangrijke beslissingen nemen we samen”, zegt Ricardo. “Risico’s lossen we in het project op. Soms moet de aannemer een stap naar voren doen, soms het waterschap.” Dat schuurt soms, geven ze toe. Niet op de relatie of de inhoud, maar contractueel. “Het komt dan neer op de vraag wie de rekening ergens voor betaalt”, zegt Marco. “Maar inhoudelijk zitten we op één lijn.” 

Ricardo: “We hebben samen gekozen voor dit type dijkversterking. Ondanks alle uitdagingen blijven we erachter staan.” Na ongeveer vijf jaar werk ligt er straks een technisch perfecte waterkering die precies past tussen huizen, leidingen en landschap. Met behoud van het uiterlijk van een klassieke Hollandse dijk. 

Bestel het projectenboek